Informatieve lezing: Hoe langer thuis?

Langer thuis, hoe?

Plannen smeden voor de oude dag wordt een steeds belangrijker discussiethema. Senioren willen langer thuis in eigen huis blijven wonen. Maar tegelijkertijd is er het besef dat de huidige woningen minder geschikt zijn, dat het decennialang ingeburgerde zorgmodel op zijn kop staat. Dat mensen wellicht elkaar “als vriendengroepjes” zullen gaan verzorgen, in een modern soort hofjes wonen? Dat ouderen naast hun kinderen en kleinkinderen willen wonen? Maar, waaraan herken ik een woning, geschikt voor mij om langer thuis in eigen huis te blijven? dr.ir. August van Vliet, gepokt en gemazeld architect en gepromoveerd onderzoeker op gebied van seniorenhuisvesting biedt aan een presentatie met gegarandeerd meer dan voldoende discussiestof. Met zijn twee-en of een driegeneratiegezin, met vrienden, in welke levensfase, in welk soort huis, Met welke individuele voorzieningen, In welke buurt?

Om op de lange duur zelfredzaam uit de voeten te kunnen in de eigen woning zal deze woning BEREIKBAAR moeten blijven op de lange duur. Naast de fysieke bereikbaarheid van ruimten binnen het huis is de financiële bereikbaarheid is misschien wel meest maatgevend. Financiële bereikbaarheid mag gelezen worden als betrouwbaar wat betreft het beslag op de huishoudportemonnee. Bepaald door:

  • Relatief matige investeringskosten (hypotheek/ huur).
  • Lage energie-behoefte maakt minder afhankelijk van schommeling in energieprijzen, inclusief onverwachte jaarlijkse eindafrekening.
  • Onderhoudsvriendelijke-, maar robuuste materiaalkeuze.
  • Daarnaast is een derde element belangrijk, de bereikbaarheid van voorzieningen voor het dagelijks leven in de buurt.


Langer thuis

Seniorenwonen, kroon op de wooncarrière
Het proefschrift Zelfredzaam Wonen (van Vliet, 2004) stelt dat levensduurbestendig wonen strategisch het beste gekozen kan worden op vrij jonge leeftijd, zeg maar bij het begin van de derdelevensfase als je van 55 tot 65 jaar oud bent. Deze strategische keuze is effectief als voorzorgsmaatregel om zelfredzaam wonen te garanderen, zelfs bij chronische gezondheidsbeperkingen. Aangezien de meeste woonhuisaanpassingen meteen ook comfortverhogend zijn, heb je dan maximaal profijt van de geboden voorzieningen.

De expertise in seniorenhuisvesting die is opgebouwd vanuit het proefschrift Zelfredzaam Wonen en daaropvolgende activiteiten is goed inzetbaar in de advisering aangaande zelfredzaam wonen. Comfortabel en gezond ontworpen. Van de individuele woning tot beleidsontwikkeling voor een toekomstbestendige opbouw van de woningvoorraad in een gemeente. Doelgroep: institutionele woningbouwers, beleggers woningportefeuille.

Ouderen wonen gewoon thuis
“Ouderdom komt met gebreken" zei Seneca de Jongere. Alsof oudere mensen afgeschreven zijn en een overlast voor de maatschappij. Ouderen, deze groep is echter niet identiek aan de senioren. Waarbij de senioren staan voor de derde levensfase, uitgetreden uit het beroepsleven. Er zal echter onderscheid gemaakt moeten worden tussen diegenen, die nog vitaal zijn – nu derde levensfase genoemd—en diegenen die in hun laatste vierde levensfase (plm. 7 jaar) chronisch ernstige hinder hebben van gezondheidsbeperkingen (inclusief fragiliteit) die het sociaal functioneren sterk inperken. Het beeld is aanwezig dat alle senioren tot die laatste groep behoren en alle in een verzorgingshuis wonen (behalve de eigen (groot)ouders). Echter, Ouderen wonen meestal gewoon thuis, behoudens extreme blijvende achteruitgang van hun gezondheid. Tachtig procent van de 75 plussers woont gewoon thuis. Al dan niet met een of meer lichamelijke klachten. Thuis wonen is ook wat de meeste mensen zelf willen. De vraag is of de gangbare gezinswoning, meestal in twee verdiepingen, wel geschikt is om tot het levenseind goed uit de voeten te kunnen. Er is veel te winnen indien ouderen een geschikte (nultreden) woning betrekken. In een prettige woonomgeving in de nabijheid van alle voorzieningen. Bij voorkeur met een eigen tuintje. Gek genoeg willen we dat bijna allemaal wel. Tijd om ouderenhuisvesting af te schaffen en voor alle mensen arm of rijk, jong of oud woningen te bouwen die geschikt zijn, ook voor ouderen. Of mooier gezegd, senioren een bekroning van de wooncarrière te geven.

Zelfredzaam: Comfortabel en gezond
Op basis van de negen wooncondities in proefschrift Zelfredzaam Wonen is een “standaard” pakket aan voorzieningen te omschrijven die zowel gezondheid bevorderend zijn en tevens het wooncomfort verhogen bij geringe meerkosten.

  • Woontechnisch: aantal kamers in huis is minstens gelijk aan aantal bewoners plus 1
  • Ergonomisch: Nultredenwonen van woonkamer en keuken, hoofdslaapkamer met badkamer
  • Ergonomisch: eventuele verdiepingtrap als steektrap met 2 leuningen
  • Inzichtelijk wonen: ondiepe, zonbeschenen vertrekken, slimme kleurenschema’s met veel contrast
  • Sociaal veilig: hofjeswonen, terrasflats met veel mogelijkheid onderling contact.
  • Zonnig wonen: woonterrasflat of tuin op zuiden of patiobungalow

En aangaande de kwaliteit van het binnenklimaat

  • Stabiel warm: vloerverwarming, warmtewisselaars, passief-energie
  • Gehoorvriendelijk, ankerloze spouw, verlaagd plafond, ringleiding
  • Gehoorvriendelijk, integratie in home studie, audio, bel, telefoon
  • Allergeenarm: vloerverwarming, afvalscheiding en berging bij dichte keuken, stofzuiginstallatie, makkelijk reinigbare vloeren
  • Luchtige woning: natuurlijke ventilatie, vraaggestuurde afzuiging

Zelfredzaam wonen
Zelfredzaam bouwen legt extra prestatie-eisen op aan het ontwerp en uitvoering van woningbouwprojecten. Globaal gezien denkt men dan al snel dat zelfredzaam bouwen daarmee een extra luxe is, want meer kwaliteit is meer bouwkosten, niet toch? Extra voorzieningen in huis aanbrengen kost geld. De meerkosten voor extra voorzieningen zijn beperkt als de bouwkundige voorzieningen samenvallen met die voor duurzaam bouwen. Hoe eerder aangebracht hoe langer profijt. Een kwestie van goed plannen, c.q. ontwerpen. Bovendien, zelfredzaam bouwen bespaart de maatschappij zorgkosten! De aangebrachte voorzieningen en daardoor verbeterde wooncondities / kunnen namelijk leiden tot een verminderde noodzaak tot professionele verzorging en verpleging (AWBZ). Bovendien verhogen betere wooncondities vaak tevens het wooncomfort. Dus vanaf de eerste dag heeft de bewoner plezier van de getroffen bouwkundige voorzieningen.

De Thuiswooncheck Een grondige wijziging van ideeën over Wonen met Zorg en Welzijn voor de komende generatie senioren heeft afgelopen jaren plaats gevonden. Stoppen met grootschalige huisvesting in verzorgingshuizen. De toekomstige senioren zullen (ook oud of fragiel) blijven wonen in hun eigen huis. De zorg zal op individuele maat verstrekt worden. De senioren zullen actief willen blijven in hun maatschappelijk functioneren en zelfstandig willen blijven wonen Met een vooruitziende blik zou een gecombineerde body-check en woonsituatie-check uitgevoerd kunnen worden. Welke lichamelijke kwalen heb je te vrezen zijn met je eigen constitutie het meest aannemelijk, aan welke eisen moet je woning eigen woonsituatie voldoen om deze voorziene beperkingen in het vooraf pro-actief aan te pakken en is dit in de huidige woning makkelijk realiseerbaar? In een gesprek met ergotherapeut, huisarts en eventueel een woonsulent (van bijvoorbeeld een woningcorporatie) kan dan een persoonlijk woon-leefadvies opgesteld worden. Zou kunnen. Met een infrastructuur van woon-zorgcentra in de buurt waarin op loopafstand huisarts en andere gezondheidszorg aanwezig zijn, met winkel voor dagelijkse behoeften en een geldautomaat zijn dan een serie randvoorwaarden aanwezig om de oude dag met plezier aan te vangen. Binnen Waalwijk experimenteren we met zulk een aanpak.

BNA Onderzoek (2016) Als teamleider/ architect betrokken bij een ontwerp-onderzoek van de Nederlandse architectenbond BNA op het thema Langer thuis in eigen huis. Op basis van dit onderzoek zijn in oktober 2016 gepresenteerd een website en brochures met ontwerptips aangaande de aanpasbaarheid van bestaande woningen. Voor elk van 6 onderzochte veelvoorkomende woningtypes zijn verzameld ontwerpideeën ter inspiratie van bewoners en architecten. Zie de website www.langerthuisineigenhuis.com.

Generatiebestendige wijk Om de sociale cohesie van de buurten/ wijken te verstevigen wordt heden door de overheid gepropageerd de Generatiebestendige wijk. Dit stelt echter wel voorwaarden aan de stedenbouwkundige kwaliteit. Er zullen op wijkniveau, en per woonkern navolgende voorzieningen zijn:

  • Voldoende aantal voor ouderen geschikte (zelfredzame ) woningen, in de woningvoorraad is realiseren van geschikte woning een bereikbaar doel: kwaliteitsniveau, bereikbaar woonkostenniveau (lage huur/ hypotheek, gering energiegebruik, ingeperkte onderhoudsgevoeligheid)
  • bereikbaarheid fysiek woonomgeving, rolstoeltoegankelijkheid en overige woningaanpassingen waar leven met chronisch gebrek mogelijk is
  • bereikbaarheid voorzieningen dagelijkse leven (loopafstand)
  • zorg-infrastuctuur voor zorg op maat van het individu aan huis

Marktpotentieel nultrede woningen
Tot 2030 stijgt het aantal seniorenhuishoudens van 1,5 naar 2,6 milj.
Andere groepen hebben geen stijging in aantal huishoudens. Gewenste seniorenwoningen zijn niet zozeer kleiner, maar met grotere vertrekken,minder kamers en kleinere, handzame en toch zonnige buitenruimte(kamer). Er is vraag naar comfortverhogende voorzieningen die het huishouden vergemakkelijken. De nultredenwoning is daarbij maatgevend. Dit betekent woonkamer, keuken, 1 masterbedroom en 1 badkamer op nultredeniveau. Dus 60 tot 70 m2 bij tenminste 13m1 gevelfront Ook is de woning goed geïsoleerd met vereist die weinig buiten-onderhoud. De woning ligt nabij voorzieningen woonkern, dus nabij centrum. Voor de geschiktheid van de Nederlandse woningvoorraad heeft de voortschrijdende vergrijzing structurele gevolgen. De woningvoorraad zelf heeft een gemiddelde levensduur van 60 jaar, maar bij het huidige bouwvolume (60.000) wordt pas eens per 120 jaar ververst. Hoewel aan de ene kant de bevolkingsgroei stagneert, zal wel behoefte zijn aan meer woningen die geschikt zijn voor zelfredzame bewoning. Een groot deel van de woningvoorraad is nu zonder meer ongeschikt voor zelfredzame bewoning door senioren. Denk daarbij aan de volgende veelvoorkomende woningtypen in de na-oorlogse massa-woningbouw:

  • Flats voor 1970 zijn constructief instabiel en ongeïsoleerd,geen lift
  • Grondgebonden rijtjeswoning voor 1975 niet geïsoleerd,slechte details, krappe traveemaat 6,0m1, helft verkeerde oriëntatie tuin
  • Grondgebonden rijtjeswoning na 1975 te smal(5,4m), te klein trapgat in beton gegoten
  • Woningen voor 1950, te weinig projectmatig.

Zie hiervoor ook de congresbijdrage aan ISG-ISARC, juni 2012 aan de TU-Einhoven: Aging-in-Place, a challenge towards sustainable planning in the Dutch Housing Market LINK De constatering dat een groot deel van de Nederlandse woningvoorraad niet zonder meer geschikt is voor voorgezette Zelfredzame bewoning, is meteen weer een uitdaging voor innovatie op dit gebied. De Nederlandse Bond voor Architecten (BNA) heeft in 2016 een BNA Onderzoek door ontwerp uitgevoerd “Langer thuis in eigen huis”. De resultaten hiervan zij vastgelegd in een brochures, die per woningtype inspirerende voorbeelden geven voor aanpassingsmogelijkheden van deze woningen. LINK website BNA onderzoek